Over de sterren, de vis en de boom.
Mijn eerste dochter had het al moeilijk van in het begin. Haar geboorte verliep heel moeizaam. Ze was een sterrekijkster. Een sterrekijkster? Ja, ze lag met haar hoofdje achteruit, alsof ze naar de sterren keek. Mijn dromertje. Maar daardoor kon ze zich maar moeilijk een weg naar buiten wringen. Dus verloor ze toen haar eerste punten. Punten op de Apgar score. Ze verloor punten op kleur... toch wel wat zuurstofgebrek.
Ze was mijn eerste en ik - als kersverse mama - wist niet altijd goed wat normaal was en niet. Ik maakte mij al vroeg zorgen. Ze was toch net wat trager volgens de boekjes. Ze spuwde toch wel heel veel (ik moest zo wat elke ochtend de vloer dweilen omdat ze weer een wedstrijd ver spuwen had gewonnen). Het duurde toch wel heeeeel lang voor ze eindelijk mama zei. Natuurlijk had ze eerst papa gezegd. Zucht. Het ene kindje van mijn collega - die een week of twee voor mijn kindje geboren was - die sprak al. Die van mij nog niet.
In de derde kleuterklas werd mij aangeraden om haar toch maar eens te laten testen, want - en ik citeer de juf - “ze bengelt aan het staartje van de klas”. Uhm ok. Testen. Toen gingen we de mallemolen in van alle testen. Testen in het UZ. Veeeeeel testen. De uitslag kregen we te horen in een klein kamertje. In het begijnhof in Gent. Ik vergeet veel, maar dit niet.
Autisme. Ik WIST dat er IETS was, maar Autisme???
Autisme gecombineerd met een spraak-en taalontwikkelingsstoornis. En daarbovenop toch wel een mentale achterstand van een jaar of twee.
En het is zo een lieveke.
Dus ok, naar het bijzonder onderwijs. Ik heb altijd bewondering gehad voor de mensen die werken in het bijzonder onderwijs. Ik heb al hele goede therapeuten ontmoet en ze verdienen een dikke pluim.
Ze vindt haar plaats in het bijzonder onderwijs en ze groeit en bloeit. We werken met man en macht om haar klaar te stomen voor de maatschappij. Een maatschappij waarin je moet presteren, meer werk met minder mensen. Tempo tempo tempo. Ratrace. Maar dan... dan heb je dagen zoals vandaag.
Ze is niet geslaagd voor haar stage. Ze was niet klaar voor de harde realiteit. Het was een lelijke realiteit tussen mensen die misschien een meisje met autisme toch wel wat raar vinden. Een realiteit waar mijn meisje geen band kan creëeren met mensen die haar wat raar vinden. Mensen die niet open staan voor andere mensen.
Tijd voor het zoveelste gesprek op school. Een goed en eerlijk gesprek. De dingen niet verbloemen maar ze benoemen hoe ze zijn. Samen een oplossing zoeken voor mijn meisje. Niet verlangen van haar dat ze als een vis in een boom moet kruipen. Aanvaarden dat vissen niet in bomen kunnen kruipen. Op zoek gaan naar haar talent en uitvissen waar ze tot bloei kan komen.
Ik denk dat ik de oplossing zie. Maar die oplossing vergt een grote verandering. Verandering van school. Haar weghalen uit haar vertrouwde aquarium en weer een sprong wagen in het onbekende. Het onbekende is eng. Voor iedereen.
😢 mooi verwoord, zo is het. Ik ben een trotse Marainne van haar en ze zal er komen! Daar ben ik zeker van! 💪🏻💗
BeantwoordenVerwijderen